Zitting Raad van State over beroep tegen bestemmingsplan Roosenhorst

Op 31 juli jl. heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State zich gebogen over het beroep van 10 organisaties (waaronder OGLV) tegen het in juli 2017 door de gemeenteraad vastgestelde bestemmingsplan Roosenhorst. Dit voorziet in de bouw van 43 woningen in het duurdere segment aan de noordzijde van de Kniplaan naast de Bollenschuur.

In alle beleidsvoornemens van de provincie Zuid-Holland en van de gemeenten Leidschendam/Voorburg en Voorschoten is al vele jaren vastgelegd dat in de Duivenvoordecorridor, die door het Rijk is aangewezen als beschermd stads- en dorpsgezicht en dient als een groene long tussen de stedelijke gebieden Haaglanden en regio Leiden, slechts in beperkte mate mag worden gebouwd. In elk bestemmingsplan moet minimaal 85% aan bij het gebied passend groen worden besteed en maximaal 15% mag worden bestemd voor woningbouw. De eisende organisaties stellen o.m. dat aan die basiseis niet wordt voldaan doordat teveel ruimte voor woningbouw is bestemd. Bovendien is het bouwoppervlak verdubbeld van 2.000 m2 in het voorheen geldende bestemmingsplan Buitengebied naar 4.000 m2 in het bestemmingsplan Roosenhorst. De organisaties stellen zich op het standpunt dat een goede ruimtelijke ordening hier heeft moeten wijken voor de financiële nood van Voorschoten. Verder is niet uitgegaan van een werkelijk bestaande woningbehoefte aan woningen in deze duurdere categorie, aldus de eisers.

Op de zitting heeft raadsheer mevrouw mr. Horstink als rapporteur de zaak behandeld. Zij nam alle discussiepunten met de partijen door; Stan Dessens en Wim ter Keurs waren de gemachtigden van de organisaties die het woord voerden, de gemeenteraad liet zich op de zitting vertegenwoordigen door zijn advocaat en enkele gemeenteambtenaren. De rapporteur wilde het naadje van de kous weten over alle belangrijke aspecten van de zaak waarover partijen van mening verschillen. Aan beide partijen werd toelichting gevraagd op de eigen standpunten. Zo was er een uitvoerige discussie over de gestelde overschrijding van de 15%-norm en over de cijfermatige onderbouwing van die overschrijding.

Stan Dessens lichtte zijn rekenwerk toe: het door hem becijferde ruimtebeslag van terrassen, openbare parkeerplaatsen, wegen en de opstelplaats voor de klikobakken kan toch bezwaarlijk tot het passende groen van minimaal 85% worden gerekend. De gemeenteraad meldde dat deze elementen met de provinciewaren besproken en dat men daar groen licht had gekregen voor de benadering om deze wel onder de 85% te scharen. Men gaf weliswaar toe dat men dicht tegen die norm aan zat of er wellicht zelfs iets overheen ging, maar dat dit bij andere bouwprojecten in de Duivenvoordecorridor zou kunnen worden gecorrigeerd, bijv. bij de bouw langs het Laantje van Van Wissen.

De eisende partijen verzetten zich ter zitting hevig tegen die salderingsbenadering. De 85/15-norm zou volgens de beleidsnota´s voor ieder bouwplan afzonderlijk gelden, niet voor een saldering na de realisering van alle bouwplannen in Voorschoten en Leidschendam/Voorburg tezamen. Saldering zou alleen beoordeeld kunnen worden op basis van een totaalplan voor de gehele Duivenvoordecorridor en dat is er niet.

De voorzitter vroeg zich af of de gemeente het zichzelf niet erg gemakkelijk had gemaakt door uit te gaan van een bestaande woningbehoefte in het buitengebied zonder nader onderzoek naar de mogelijkheden tot woningbouw in de bebouwde kom van Voorschoten. Zoals bekend hebben de eisende organisaties alternatieve bouwlocaties binnen de bebouwde kom aangedragen. Deze zijn door de gemeente zonder concreet onderzoek van tafel geveegd. Raadsheer Minderhoud sprak van een “puist” in het buitengebied en vroeg hoe dit bouwplan ruimtelijk te motiveren is. De gemachtigde van de gemeente verwees opnieuw naar de 85/15-normering waaraan volgens de gemeenteraad is voldaan.

De Raad van State zal binnen zes weken uitspraak doen, maar de voorzitter liet doorschemeren dat die termijn wellicht met zes weken zal moeten worden verlengd i.v.m. de vakantieperiode. Na die verlenging zou dan omstreeks 24 oktober 2018 de uitspraak van de Raad van State te verwachten zijn.

Jan-Willem Sentrop