Naar de Raad van State over Roosenhorst

Op 6 juli 2017 stelde de Raad van de gemeente Voorschoten het bestemmingsplan Roosenhorst vast. U weet: Roosenhorst moet een nieuwbouwwijkje worden in de hoek van de Veurseweg en de Kniplaan bij de Bollenschuur. De meesten zullen denken ‘Nou, dat was het dan. Alle verzet, de petitie en de zienswijzen zijn voor niets geweest’. Maar zo is het niet. In ons land kan je tegen deze vaststellingsbesluiten van gemeenteraad in beroep gaan bij de Raad van State.

Dat heeft onze vereniging samen met negen andere organisaties gedaan. Dan rijzen al snel de volgende vragen: wie zijn onze partners, waarom zijn we in beroep gegaan en maken we een kans? De eerste twee vragen kan ik duidelijk beantwoorden, voor de derde vraag kan ik alleen maar een verwachting uitspreken.

Met 9 partners in beroep

Wij gaan in beroep tezamen met 8 organisaties, die allemaal vinden dat we de Duivenvoordecorridor, waarin Roosenhorst ligt, zo veel mogelijk groen moeten houden. Dat hebben de overheden van hoog tot laag ook altijd gepropageerd.

De 9 organisaties zijn:

  1. de Agrarische Natuurvereniging Santvoorde
  2. de Algemene Vereniging voor Natuurbescherming voor ‘s-Gravenhage e.o.
  3. de Stichting Behoud Stad, Natuur en Landschap Rijnland
  4. de Stichting Duinbehoud, de Stichting Duurzaam Leidschendam-Voorburg
  5. de Stichting Het Zuid-Hollands Landschap
  6. de Stichting Horst en Weide
  7. de Vereniging voor Vogelbescherming ’s-Gravenhage e.o.
  8. de Vereniging Vrienden van Vlietland
  9. OGLV

Waarom gaan we in beroep?

Wij vinden dat de gemeente Voorschoten zich had moeten houden aan de afspraak in het bestuursconvenant uit 2008 tussen Rijk, Provincie en gemeenten. Toen is afgesproken dat maximaal 2000 m2 bebouwd mocht worden. Dat had niet mogen worden verhoogd tot 4000 m2. Ook had de gemeente zich moeten houden aan de voorgeschreven procedure voor duurzame verstedelijking. En tot slot heeft de gemeente ons inziens niet in overeenstemming met de beginselen van behoorlijk bestuur gehandeld.

Welke verwachting koesteren wij?

In een procedure bij de Raad van State wordt in hoogste instantie geoordeeld over dit soort geschillen van openbaar bestuur. Wij vinden dat we goede argumenten hebben om de gemeente hiervoor voor de rechter te dagen en stellen dat beroep in omdat we denken een pleitbare zaak te verdedigen.

We moeten er rekening mee houden, dat de Raad van State de zaak niet zozeer inhoudelijk beoordeelt, maar vooral beoordeelt of de gemeente zich aan wet- en regelgeving heeft gehouden en overigens ook of de gemeente heeft gehandeld conform algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

Wij hebben de gemeente over onze stap en onze argumenten geïnformeerd en de verantwoordelijke wethouder Hans Rasch vond ook dat hier maar in hoogste instantie een uitspraak over moet worden gedaan. Wij wachten de verdere procedure met spanning af, maar dat kan zomaar even duren.

Stan Dessens,
namens de groep van organisaties, die het beroep hebben ingesteld